Hartjesdag

De Dapperbuurt staat bekend als een buurt waarin het op Hartjesdag (derde maandag van augustus) nogal eens flink uit de hand kan lopen. De bevolking is al weken van tevoren bezig allerlei rommel te verzamelen, zoals oude bedden, kapotte stoelen, tafels, kasten en wat dan maar ook dat branden wil. Hier worden dan op 20 augustus op straat grote vuren van gestookt.  Om het helemaal feestelijk te doen zijn, worden de brandkranen zoveel mogelijk onklaar gemaakt en door vele winkeliers in de buurt wordt vuurwerk verkocht aan de jeugd, die op Hartjesdag voorbijgangers hiermee bestookt. Het is dus niet vreemd dat deze feestdag nogal eens uit de hand loopt, zoals bijvoorbeeld in 1899, wanneer het tot ernstige ongeregeldheden komt tussen de bevolking en brandweer en politie (verslag De Tijd van 21 augustus 1899):

Op hartjesdag

Het genoegen om vuurwerk af te steken en vuurtjes te branden was gisterenavond aanleiding tot een botsing tusschen het publiek en de politie en brandweer in het Linnaeus-kwartier.

Die buurt heeft gisterenavond der brandweer handen vol werk gegeven. Straatbranden waren aanhoudend oorzaak dat moest worden uitgerukt. Erger nog was, dat het publiek de manschappen op zeer onhebbelijke manier in hun werk belemmerde, zoo zelfs dat zij genoodzaakt waren de bijl te trekken, ten einde door vrees-aanjaging de kwaadwilligen op een afstand te houden. Vooral de Wagenaarstraat bij de Pontanusstraat was het tooneel dezer onhebbelijkheden.

Tegen 10 uur, toen de brandweer van het Weesperplein, onder bevel van den heer R. Boele, opnieuw ter blussching uitrukte, was het verzet heviger geworden. Groote keien en andere projectielen werden gebruikt om de mannen tot den aftocht te dringen, ten einde ongestoord met vuur te kunnen spelen. Een drietal manschappen liep daarbij verwondingen op. Toen een van hen den commandant, op wien het publiek het gemunt scheen te hebben, wilde beschermen, ontving hij een messnede over de hand.

Met behulp der aanwezige politie werd toen getracht den belhamel in handen te krijgen, doch voor de overmacht zwichtend, moest men dit plan laten varen. Ook thans moest de bijl dienst doen om het volk zooveel mogelijk van de wagens te houden, vooral toen pogingen werden aangewend om de paarden af te spannen.

Ten slotte werd de tegenstand zoo geweldig, dat de brandweer, op eigen veiligheid bedacht, den aftocht moest blazen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat de wanordelijkheden in hoofdzaak het werk waren van opgeschoten jongens en meiden, terwijl het overige publiek, hoewel niet meedoende, door zijn lijdelijke houding eer tegen- dan meewerkte.

Later werd voor de derde maal uitgetrokken.

Toestanden dus. Alhoewel de polulariteit van Hartjesdag begin vorige eeuw elders in de stad aan het afnemen is, lijken een paar wijken een uitzondering te maken. Een daarvan is de Dapperbuurt. Betere burgers, die belangstelling hebben voor volksontwikkeling, zien een en ander met lede ogen aan. De socialistische Vereeniging Ons Huis buiten de Muiderpoort verspreidt om de ongeregeldheden tegen te gaan in augustus 1904 een zeer groot aantal folders door de buurt met de volgende tekst:

Buurtgenooten! Jaren lang was onze buurt op Hartjesdag het tooneel van ruwheid en bandeloosheid. Gelukkig was verleden jaar de baldadigheid minder erg dan vorige jaren. Moge het dit jaar nog weer beter zijn! Winkeliers, geeft op Hartjesdag geen brandbare stoffen weg.

Hartjesdag in 1904 wordt in de rest van de stad vrij sober gevierd. Men kan merken dat de belangstelling voor het feest terugloopt. Zelfs in de Jordaan is het rustig gebleven. De enige buurten waarin Hartjesdag nog ouderwets gevierd worden zijn de Zeedijk en het Muiderpoortkwartier, aldus een verslag in het Rotterdamsch Nieuwsblad van 17 augustus 1904:

In het Muiderpoortkwartier was de drukte gecentraliseerd in de Dapperstraat, waar een dichte massa jongens en meisjes op en neer slenterden. Daar werd, in tegenstelling van de Jordaan, druk aan allerlei soort van vuurwerk gedaan, ook aan het maken van brandjes. In de Wagenaarstraat moest de politie zelfs meermaken dergelijke brandjes blusschen, waarbij zij notabene door het oudere publiek met steenen werd geworpen.

Het strooibiljet van de Vereeniging Ons Huis buiten de Muiderpoort had blijkbaar weinig invloed gehad.

ploosvanamstelTot ver in de jaren 1920 blijft het onrustig in de buurt tijdens Hartjesdag. Wel blijven met name socialistische verenigingen proberen het feestdag een rustiger karakter te doen krijgen. Dat lukt pas echt goed vanaf het moment dat geliefd politiecommissaris Ploos van Amstel in 1926 een list verzint en vlak voor Hartjesdag bij alle winkeliers in de buurt langs laat gaan met de vraag of er vuurwerk te koop is. Bij een bevestigend antwoord wordt naar de daartoe benodigde vergunning gevraagd, over welke bijna geen enkele der winkeliers beschikt. Aansluitend wordt het vuurwerk in beslag genomen. Ploos van Amstel roept ook in het plaatselijk krantje nadrukkelijk op zich ditmaal eens niet te misdragen. Door deze geslaagde actie is Hartjesdag 1926 in de Dapperbuurt uitzonderlijk rustig. In 1927 -Ploos van Amstel heeft inmiddels zijn ontslag genomen – gaat het echter weer helemaal mis.

De landelijke pers smult van de ongeregeldheden in de Dapperbuurt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s